Doel van het onderzoek was inzicht krijgen in de factoren die de wateropname van koeien beïnvloeden en de relatie die deze factoren hebben op de melkproductie en de diergezondheid. Om dit inzichtelijk te maken heeft Jelle zowel literatuur- als praktijkonderzoek uitgevoerd. Daaruit blijkt dat koeien 60 tot wel 125 liter water per dag drinken en dat de wateropname van melkvee nauw samenhangt met de melkproductie, droge stofopname en omgevingsfactoren, zoals: temperatuur en luchtvochtigheid. Water speelt een cruciale rol bij: penswerking, speekselproductie, temperatuurregulatie en de afvoer van afvalstoffen. Jelle: ‘’Te weinig water leidt al snel tot uitdroging, pensverzuring, verminderde voeropname en een lagere melkproductie.’’
Omgevingstemperatuur blijkt één van de sterkste voorspellers van wateropname. Vier van de vijf praktijkbedrijven lieten een significant positief verband zien. Gemiddeld nam de wateropname toe met 1,3 liter per graad Celcius temperatuurstijging. ‘’Dit bevestigt de literatuur, waarin gesteld wordt dat bij temperaturen boven de 17 graden Celcius de waterbehoefte lineair toeneemt’’, legt Jelle uit.
Naast temperatuur blijken ook de inrichting en beschikbaarheid van drinkwaterbakken van grote invloed op de daadwerkelijke wateropname bij koeien. Jelle: ‘’Tijdens mijn onderzoek heb ik het drinkgedrag van koeien geobserveerd met behulp van camera’s. Hieruit blijkt dat koeien direct na het vreten en na het melken het meeste drinken. Dit komt omdat ze na het vreten vocht nodig hebben voor de vertering en er na het melken veel vocht uit het lichaam is onttrokken. Daarom is het belangrijk om de drinkpunten dicht bij het voerhek of bij de uitgang van de melkrobot of melkstal te plaatsen.” Volgens Jelle moet de stal zo worden ingericht dat koeien in alle rust en zonder onderlinge competitie kunnen drinken. Ook het type waterbak heeft invloed op de wateropname. Het praktijkonderzoek liet zien dat koeien tot drie keer meer water opnemen uit open vlotterbakken dan uit sneldrinkers (zie grafiek).

Niet alleen de locatie van drinkpunten is van belang. Ook de kwaliteit (smaak en geur) is essentieel voordiergezondheid en melkproductie. ‘’Afwijkingen in chemische samenstelling, zoals te hoge gehaltes aan ijzer, ammonium of nitraat kunnen de wateropname beperken en gezondheidsproblemen veroorzaken. Zo kan een afwijking van ammonium leiden tot darmontsteking en een afwijking van ijzer tot een lagere opname van andere spoorelementen. Regelmatige controle van waterkwaliteit is daarom ontzettend belangrijk’’, benadrukt Jelle.
Net als de chemische kwaliteit is ook de bacteriologische kwaliteit van water meegenomen in het onderzoek. Deze factor blijkt cruciaal voor de gezondheid van melkvee. Al bij een relatief kleine bacteriële verontreiniging ontstaan gezondheidsrisico’s. Pathogene bacteriën zoals E. coli en Salmonella verhogen de kans op infecties, darmstoornissen of een verminderde wateropname. ‘’De aanwezigheid van E. coli wijst op mestvervuiling. Dergelijke besmettingen ontstaan vaak bij open waterbronnen, onvoldoende gereinigde leidingen of lekkende koppelingen, waarbij mest in het drinkwater kan terugstromen’’, verklaart Jelle.
Clostridium is een voorbeeld van een anaerobe, sporenvormende bacterie, die juist in stilstaand, slibrijk water voorkomt. Deze bacterie kan lang overleven en is moeilijk uit het drinkwatersysteem te verwijderen. Daarvoor is intensieve reiniging of vervanging van leidingen noodzakelijk. ‘’Dat toont aan hoe belangrijk vers, stromend water is’’, benadrukt Jelle.
Ook de rantsoensamenstelling is van invloed op de wateropname. De mineralen natrium, kalium en chloride geven een extra dorstprikkel. Jelle: ‘’Een verhoogde inname van deze zouten stimuleert de koe om meer water te drinken, doordat ze helpen bij het reguleren van de osmotische balans en de vochtbehoefte van het lichaam.’’ Daarnaast heeft het droge stofgehalte van het rantsoen een grote impact. Rantsoenen met een hoog droge stofpercentage zorgen ervoor dat de koe meer water moet opnemen om in haar vochtbehoefte te voorzien. Bij vochtrijke rantsoenen is de opname van drinkwater juist lager.

Op basis van de onderzoeksresultaten blijkt dat aandacht voor water ontzettend belangrijk is voor diergezondheid en melkproductie. Jelle: ‘’Controleer het drinkwater daarom regelmatig. Ondanks dat water er aan de oppervlakte fris en helder uit kan zien, kunnen er chemische of bbacteriologische verontreinigingen in de waterbakken en/of leidingen aanwezig zijn. Een dagelijkse controle op geur, kleur en helderheid geeft een goede eerste indicatie, maar een jaarlijks wateronderzoek om de werkelijke kwaliteit in beeld te krijgen is verstandig.’’