Willie Peters is voorstander van het Nieuw Nederlands Weiden. Het is een oplossing voor melkveehouders die meer vers gras willen omzetten naar melk maar niet veel tijd willen besteden aan weiden. “Met Nieuw Nederlands Weiden combineer je als melkveehouder een hoge opname van vers gras met een hoge melkproductie.” Het systeem is volgens Peters overzichtelijk voor melkveehouder en koe, omdat voor beiden, elke dag, duidelijk is waar hij en de koeien aan toe zijn. Het liefst zou de melkveehouder uit Weert op alle weides dit beweidingssysteem willen toepassen. Maar dat lukt niet. Sommige van zijn percelen zijn moeilijker (of alleen vanuit een ander perceel) bereikbaar. Die vallen af voor het nieuwe beweidingssysteem. De Nieuw Nederlands Weiden-percelen zijn ingedeeld in gelijke percelen van 1,5 hectare waarop de koeien één dag lopen. Op de percelen waar hij het nieuwe beweidingssysteem niet toepast, bakent Peters het te beweiden perceel af met een flexibele draad zodat de koeien volop vers gras kunnen vreten. Hoeveel ze bijkrijgen, stemt hij af op de dagelijkse voeropname. De bedoeling is dat de koeien zelf naar huis komen als het nieuwe stuk voldoende kaalgevreten is. Zo hoeft hij geen koeien op te halen uit de wei.
Een eenrichtingspoort in de stal maakt deze werkwijze eenvoudiger. Als koeien eenmaal vanuit de wei naar de stal komen, kunnen ze niet meer terug. Wel kunnen ze voer opnemen aan het voerhek, zich laten melken door de melkrobot of hun portie krachtvoer opnemen. Willie en Monique voeren drie soorten krachtvoer: twee op de robot (een eiwitkern en een productiebrok) en één luxere productiebrok op de krachtvoerbox.
Het beweidingssysteem biedt meerdere voordelen. Zo levert vers gras veel VEM (>1.000), wordt er een ruwvoeropname tot wel 16 kg droge stof per dier per dag gehaald en hoeft er minder krachtvoer te worden gevoerd.
Inclusief jongvee voert de melkveehouder uit Weert 78,5 procent drogestof uit ruwvoer aan zijn dieren. Door deze voerstrategie met veel vers gras en op tijd bijsturen met het aanbod van ruw- en krachtvoer, behalen de ondernemers krachtvoerkosten van 7,5 cent per kg melk in het afgelopen half jaar. Monique benoemt nog een bijkomend voordeel van een systeem waarbij volop geweid wordt. “De koeien halen het gras zelf op dus de loonwerker hoeft minder vaak te komen.”
Bij de beweiding en de ruwvoerwinning draait alles om de smakelijkheid. Als het gras goed smaakt, zit het met de voederwaarde snor, weet Peters. “Wanneer het verse gras of de graskuil niet smakelijk is, wordt ik afgestraft in de liters.” Het maaien van de eerste snede doet de melkveehouder uit Weert pas als deze iets langer staat. Hij werkt met een Weelink voerhek. Wanneer hij de eerste snede te vroeg maait, kan het gras te weinig structuur bevatten. “Met een Weelink voerhek is het lastig om extra structuur bij te voeren waardoor koeien eerder dunne mest kunnen krijgen.” Later maaien voorkomt dit euvel. In de zomer voert hij aan het voerhek mais en een structuurrijke kuil, in de winter is het fiftyfifty mais en kuil. De dip in de groei en kwaliteit van weidegras hartje zomer (en dus ook een lagere VEM-waarde van het gras) vangt hij op door meer kuilgras te voeren en eiwitrijk krachtvoer. Op deze manier blijft het rantsoen op nutriëntenniveau constant en blijft ook de melkproductie op een hoog niveau. Het ureumgetal ligt jaarrond op 16. Dit betekent dat er een zeer goed evenwicht is tussen eiwit en energie en er dus een optimale benutting van het beschikbare eiwit plaatsvindt. Binnen de KringloopWijzer scoort het bedrijf daardoor goed op stikstofefficiëntie.
Een goede smaak en opname van het ruwvoer verkrijgt Peters ook door lange kuilen te maken van maximaal 1,70 meter hoog. Hierdoor is de voersnelheid hoog en blijft de kuil ook in de zomer van uitmuntende kwaliteit. Zowel de graskuil als de maiskuil zijn beide in totaliteit maar liefst 120 meter lang. Alleen aan de tweede snede voegt de melkveehouder een inkuilmiddel toe. Omdat deze snede wat grover is dan de eerste snede, moet het inkuilmiddel er voor zorgen dat de broei in de kuil achterwege blijft. Over 2024 gaven de 95 melkkoeien van de familie Peters 9.500 kilo melk met 4,65 procent vet en 3,58 procent eiwit. Willie en Monique zijn tevreden met dit resultaat, zeker omdat ze zo zuinig mogelijk met krachtvoer omgaan. “We kijken vooral naar de opname van droge stof via het ruwvoer. Dat is ons meer waard dan een paar procent hogere voederwaarde in het rantsoen.”
Omdat gehalten en voederwaardes van vers gras gedurende het jaar sterk variëren, presenteert Voergroep Zuid tussen week 13 en 42 de Vers Gras Monitor. De gehaltes aan ruw eiwit, suiker, VEM en NDF worden standaard weergegeven. Actuele weersomstandigheden hebben een grote invloed op de kwaliteit van het gras. De Vers Gras Monitor geeft daarom wekelijks inzicht in de actuele gehalten. Willie en Monique Peters doen mee met deze monitor op hun droge zandgronden en laten hun gras wekelijks onderzoeken. De monsters geven hen meer inzicht in hoe suikergehaltes ontwikkelen in combinatie met het weer en de bemesting. Daarnaast geven de monsters van het verse gras inzicht in de stikstofbemesting. “Soms kijkt een perceel wat flets, maar dan blijkt er toch 220 ruw eiwit in te zitten. Ook wil ik nog wel eens wachten om meer suiker in het gras te krijgen. De Vers Gras Monitor geeft mij dan inzicht in de hoeveelheid suiker.”