De Beer adviseert om alle graspercelen goed te beoordelen. ‘’Beoordeel het perceel in een ‘W-vorm’, zodat je een goed algemeen beeld van het perceel krijgt. Kijk niet alleen naar wat er boven de bodem gebeurt, maar ook naar de wortels. Die laten duidelijk zien of er nog muziek in de plant komt of dat het einde verhaal is.’’ Op basis daarvan kan worden bepaald of er geen actie nodig is, doorgezaaid moet worden of dat herinzaaien of een teeltrotatie beter past.
In de tabellen onderaan dit artikel is weergegeven hoe de kwaliteit van het grasland invloed heeft op de acties die nodig zijn. Bestaat meer dan 80 procent van het perceel uit goede grassen en/of klaver, zoals Engels raaigras, Timothee of rode en witte klaver? Dan is actie niet direct nodig. ‘’Dat betekent echter niet dat je achterover kunt leunen. Dit iis juist een geschikt moment voor onderhoudsbekalking en onkruidbestrijding, met name van ridderzuring. In deze periode gaat de sapstroom in de plant neerwaarts, waardoor het bestrijdingsmiddel tot diep in de wortel komt’’, legt Mark uit.
Na de laatste snede is het bovendien verstandig om de pH van de bodem te laten meten. Zo kan per perceel worden bepaald of onderhoudsbekalking nodig is en kan het grasland het volgende seizoen weer goed van start.
Bedraagt het aandeel goede grassen 50 tot 80 procent, dan is doorzaaien een goede optie. Ook wanneer het gras bovengronds bruin is, maar de wortel nog wit is, kan doorzaaien een relatief goedkope manier zijn om het perceel te herstellen. ‘’De kleur van de machine is daarbij niet het belangrijkste. Het succes van doorzaaien valt of staat met vocht. De bodem moet vóór het zaaien voldoende vochtig zijn en ook daarna is voldoende vocht nodig. Gras kiemt namelijk maar één keer. Zaai je onder droge omstandigheden, dan ben je de plant direct weer kwijt’’, beredeneert Mark. Het najaar is volgens De Beer een geschikt moment om door te zaaien. De dagen worden korter en de bodem houdt meer vocht vast. Bij grote kale plekken kan het helpen om in twee werkgangen te zaaien: één keer in de lengterichting en één keer diagonaal. ‘’Zo krijg je sneller een gezonde en dichte grasmat’’, verklaart hij.
Bestaat minder dan 50 procent van het perceel uit goed gras of bestaat meer dan 20 procent uit kweek? Dan is herinzaaien of een rotatieteelt het overwegen waard. Dat geldt ook als grasland volledig verdroogd is, dus zowel bruin blad als bruine wortels. Mark: ‘’Kijk eerst welke percelen je als grasland wilt behouden, bijvoorbeeld de huiskavel voor beweiding. Die percelen kun je herinzaaien. Andere percelen komen wellicht in aanmerking voor een andere teelt, zoals mais, als de bodem daarvoor geschikt is.’’
Bij herinzaaien op zand- en lössgrond geldt in Nederland echter dat dit vóór 1 september moet gebeuren en ook vooraf gemeld moet worden bij RVO. Daarnaast wordt de stikstofgebruiksruimte met 50 kilo per hectare gekort. ‘’Kijk daarom goed wat binnen jouw bedrijfsvoering past en welke optie voor jouw bedrijf het beste uitpakt. Pas daar vervolgens je teeltplan op aan’’, adviseert de Beer.

