Links en rechts is al gemaaid, met name Italiaans raaigras dat niet als groenbemester maar als ruwvoer wordt benut. Nu komt ook het moment om het regulier grasland te gaan maaien. Vooral de vroeg bemestte percelen staan er goed bij. Maaien in april geeft de hoogste voederwaarde, snelste hergroei maar ook extra groeitrappen waar je met weiden en stalvoeren veel profijt van hebt. Het gras staat vooral dik, meestal niet heel lang en dan valt de opbrengst vaak mee.
Eiwit en suiker
Voor een hoge voederwaarde hebben we nog steeds perfecte omstandigheden. Met een buitje regen komt de laatste stikstof vrij wat meer ruw eiwit geeft. En de zonnige dagen in combinatie met koude nachten zorgen voor veel suikers in het gras. De fanatieke beweiders merken ook dat het ureumgetal niet echt omhoog schiet met weidegang. Het eiwit is nu erg bestendig en ook het grote energie-aandeel zorgen voor een hoge eiwitbenutting en efficiënte omzetten van gras naar melk. In deze periode van het jaar zit ook het grootste (financiële) voordeel van vers gras. Het voersaldo kan je zo vrij eenvoudig laten stijgen, daar doe je het voor!
Het groeit maar brult niet
Het gras is lekker aan het groeien maar we merken in de regio nog niet die groeispurt zoals dat vaak ik het voorjaar gaat. Het gras brult nog niet de grond uit maar de zode is wel heel erg dicht en het graspakket is dik. Het staat “als haren op een hond” en dat betekent dar de opbrengst per ha altijd meevalt. Gras wat heel explosief groeit staat vaak wel lang, maar ook hol en dunner. Daar slinkt het maaizwad altijd fors achter de maaier. Bedenk ook dat als je nu tijdig de eerste snede maait, je ook mooi op tijd snede 2 en 3 kan oogsten, voordat het gaat doorschieten en voor de langste dag. Bekijk ook de toelichting in de video 'Je hebt nooit spijt van vroeg maaien, wel van te laat'.
Standaard toevoegmiddel
Bij het maaien komt ook altijd de vraag: wel of geen toevoegmiddel? Ons advies: < 40% droge stof standaard een toevoegmiddel en > 50% droge stof niks toevoegen (dat is te droog voor de bacteriën om goed te vermenigvuldigen). Tussen 40 en 50% droge stof zijn de omstandigheden van goed kunnen verdichten, veel voersnelheid, tussen de silomuren kuilen etc. bepalend voor je keuze van een toevoegmiddel. Bij twijfel altijd doen, de eerste snede is het beste voer van heel het jaar, dus dan moeten we er ook zuinig op zijn. Gebruiken “hetero-fermentatieve” middelen die zowel melkzuur- als azijnzuur produceren. En bij natte kuilen < 30% droge stof of na een flinke regenbui heb je vooral baat bij veel melkzuur, de zogenaamde “homo-fermentatieve” inkuilmiddelen.