Als je nu nog groen gras in de wei hebt staan waar zelfs nog wat groei in zit dan heb je of enorm vochthoudende grond, heb je geïnvesteerd in continue waterinfiltratie of ben je de haspelkoning uit de buurt. Want in alle andere gevallen is de muziek er wel uit en hebben veel veehouders helaas noodgedwongen moeten beslissen om tijdelijk op te stallen. Het grote jongvee kan vaak in natuurgebieden, uiterwaarden of hele grote blokken nog wel een portie gras bij elkaar scharrelen maar het houdt allemaal niks over. Er lijkt een voorzichtige weersomslag te komen met lagere temperaturen en misschien zelfs wel wat regen. Maar we wachten eerst een gevulde regenmeter af voordat we gaan juichen… en voordat we weer iets kunnen.
Van alles wat
De lage grasgroei, het wisselende aanbod en natuurlijk door de extreme hitte en aanhoudende droogte kan de kwaliteit van het verse gras flink uiteenlopen. Van eiwitrijke topjes tot harde taaie stengels, het is echt van alles wat. Normaliter komen we begin september met een omslag in de voederwaarde van gras. Dan zijn we door de beruchte zomerdip heen en neemt de verteerbaarheid toe omdat het aandeel celwanden (NDF) afneemt (malser gras) en daarmee loopt de VEM-waarde weer op. Deze omslag zit eraan te komen echter dan moeten we wel serieuze hoeveelheden neerslag krijgen. Ook zit er nog een flinke hoeveelheid stikstof in de bodem te wachten. Zeker op de rijke gronden met veel organische stof en een hoger stikstofleverend vermogen (NLV) komt nog de nodige N vrij, waardoor we met hoge ruw eiwitwaardes te maken gaan krijgen.
Nog snel de put leegmaken
We hebben nog zo’n 14 dagen in augustus om drijfmest te mogen rijden op het grasland. Vraag je wel even goed af of dat ook nog echt nodig is! Zonder derogatie hebben we de mest hard genoeg nodig in het voorjaar. En daar komt het ook beter tot z’n recht dan nu, zeker op niet-beregende droge graszoden. Kijk eerst of je nog mest moet afvoeren, kijk vervolgens hoeveel mest jezelf kan opslaan tot maart. En ja, bekijk ook of je extra opslagcapaciteit kan regelen. De efficiëntie van mest is in het vroege voorjaar vaak beter dan nu ‘nog even snel de put leegmaken’. Heb je en kan je wel beregenen op grasland, dan kan je wel een kleine hoeveelheid mest geven. Bijvoorbeeld 10 a 15 m3 per ha en flink verdund met water. En na het zodebemesten dan ook een rondje (of meer) met de haspel. Bemest je nu te royaal, dan vlieg je waarschijnlijk uit de bocht met het aandeel ruw eiwit en ook onbestendig eiwit (OEB). Dan geldt zowel voor weiden, stalvoeren als inkuilen.